In de Biechtstoel: Lambert Smits

BAKEL – De Bakelse Oranjevereniging bestaat negentig jaar. Lambert Smits nam afgelopen jaar de voorzittershamer over van Pieter Reijnders, die het comité 24 jaar voorzat.

Smits kijkt met een goed gevoel uit naar Koningsnacht en Koningsdag, komende zondag en zaterdag. “Ik ben trots op wat we hier, voor Bakel door Bakel, voor elkaar krijgen.” Zullen zijn antwoorden in de biechtstoel hem ook trots stemmen?

Geloof je?

“Ik ben niet gelovig. Ik geloof wel in de goedheid van mensen. Als ik met andere mensen in contact kom probeer ik er altijd het positieve uit te halen. En eigenlijk komt dat altijd goed. Mensen hebben altijd goede bedoelingen.”

Wat is je grootste deugd?

“Ik organiseer graag. Ik ben een trouble-shooter. Als er een beetje stress bij komt kijken leef ik op. Er zijn geen problemen maar uitdagingen, zo zie ik het altijd. En ik probeer altijd klaar te staan voor anderen.”

Wat is je grootste zonde?

“Soms luister ik slecht. Dan zit ik in mijn eigen gedachten en mis ik delen van een gesprek om me heen. Mijn vader had dat trouwens ook.”

Wat koester je het meest?

“Mijn gezin natuurlijk. En mijn naasten en vrienden, de mensen om me heen. Want daar doe je het uiteindelijk toch allemaal voor.”

Wat stuit je het meest tegen de borst?

“Ik kan er heel slecht tegen als mensen hun afspraken niet nakomen. Als ze me laten zitten. Zeg dan gewoon eerlijk ja of nee. En ik kan ook slecht tegen onrecht. Ik was ooit in Marrakech op vakantie. Bij een bron die we bezochten zat een man die duidelijk gehandicapt was. Hij werd geklierd door een aantal jongens. Ik ben er op af gestapt en heb verteld wat ik er van vond. Ik spreek geen woord Marokkaans maar de boodschap was duidelijk.”

Waar kun je heimelijk van genieten?

“Ik kan er enorm van genieten als ik zie dat andere mensen plezier hebben. Dan hoef ik maar in een hoekje te gaan staan en heb ik zelf ook plezier. Mijn vrouw en ik wandelen veel. Als dan alles meezit, route en weer, is dat ook heerlijk. En binnenkort ga ik met twee vrienden naar Schotland. Op het eiland Isle maken ze de meest fantastische whisky’s. Dat is ook een liefhebberij.“

Van wie kun je nog wat leren?

“Ik denk dat ik van iedereen kan leren. Er zijn altijd situaties waarin je denkt: ‘Hey, dat is een goeie, die moet ik onthouden’. En van mijn kinderen leer ik ook. Die kunnen me toch opmerkingen maken…”

Achter welke deur in Bakel zou je wel eens een kijkje willen nemen?

“Ik zou heel graag eens binnen kijken bij GEA. Dat heeft twee redenen. Ik ben een liefhebber van techniek. Daar worden heel vooruitstrevende dingen gedaan. Daarnaast zou ik ze graag als sponsor toevoegen bij de Oranjefeesten. Het is het enige grote bedrijf in Bakel dat nog niet overtuigd is van ons principe ‘voor Bakel door Bakel’.”

Met wie zou je wel eens een weesgegroetje willen bidden?

“Ik hoef niet zo nodig te bidden. Maar ik zou wel eens een langer gesprek willen aangaan met onze burgemeester Jan van Zomeren. Telkens als ik hem tegenkom komen we tijd te kort, in positieve zin. De gemeente probeert ons bij de Oranjefeesten ook op alle mogelijk manieren te helpen. En toch heb ik het gevoel dat er nog meer uit te halen is.”

Heb je verder nog iets op te biechten?

“Ik vind dat we met de Stichting Oranjefeesten Bakel een fantastische groep hebben. Al die vrijwilligers en sponsoren die het daarnaast mogelijk maken, dat is geweldig. Het is echt een feest voor Bakel door Bakel. Dat is een hele mooie vorm van erkenning die veel voldoening geeft.”

Foto's:


5