In de Biechtstoel: Henk Peeters

GEMERT – Het zit in de familiegenen. Zijn vader, zijn broer, zijn zoon en zijn neef, zij allen waren of zijn betrokken bij het wel en wee van een oer-Gemertse familiegarage met Italiaanse ‘banden’. Maar niemand zolang als Henk Peeters die – de tachtig al ruimschoots gepasseerd – nog vrijwel elke dag vertoeft tussen de occasions.

Geloof je?

Wij werden thuis met het geloof opgevoed. Ons pa had zo’n kerkbank gepacht, nogal vooraan in de kerk, maar wij gingen liever achterin staan, dan waren we na de mis het eerst in het café. Maar ons pa ‘viet’ ons gerust in ons nekvel en zette ons neer op die bank.

Wat is je grootste deugd?

Ooit ging ik van een paar druppels bloed al van de sokken. Later moest ik met de takelwagen naar de diverse verkeersongelukken. Ik was er vaak als eerste bij. En ja, daar kwam dan ooit nogal wat bloed bij kijken. En dan hielp ik zo iemand toch uit de auto. Och, daar raak je aan gewend.

Wat is je grootste zonde?

In de pionierstijd van de garage was je veel creatiever. Je bedacht overal een oplossing voor. Ik heb veel geleerd in m’n diensttijd. In de kazerne werkte ik ook al aan de motors van de legervoertuigen. Tot en met niet meer leverbare, ontbrekende ventieldopjes; je bedacht een alternatief. Maar nu zijn sommige dingen te ‘hendig’, en dat houdt de geest niet scherp.

Wat koester je het meest?

Ik heb de tijd meegemaakt dat mensen zich – vaak pas op latere leeftijd – voor het eerst een auto konden permitteren. Dan waren ze als een kind zo blij. Skon! En verder koester ik het feit dat ondanks het feit dat ons pa tamelijk jong is gestorven, mijn broer Frans en ik de garage toch goed hebben kunnen voortzetten. En dat zijn zoon Piet en mijn zoon Piet dat nu ook doen.

Wat stuit je het meest tegen de borst?

Tja, dat ouder worden… Dat gaat natuurlijk gepaard met een aantal gezondheidsproblemen. Daar vraag je niet om en je krijgt ze toch.

Waar kun je heimelijk van genieten?

Dat ik er nog ben! En dat ik met mijn vriendin Tiny, die Canadese roots heeft, nog vaak naar Canada ben kunnen gaan. En ik denk nog vaak aan mijn jong overleden vrouw Bets. Naast haar, en vlak bij mijn ouders, wil ik straks begraven worden.

Van wie kun je nog wat leren?

Ik werkte altijd met een potlood en buukske. Daar dreef ik de garage mee. Dat kon, en dat had ook te maken met het feit dat de mensen elkaar vertrouwden. Nu, in de tijd van computers en navigatiesystemen, is dat ouderwets. Maar ik heb niet meer de behoefte om dat soort dingen nog te gaan leren. Ik grijp er ook niet op mis.

Achter welke deur zou je wel eens een kijkje willen nemen?

Nou, dan toch nog maar een keer achter een paar deuren in Canada. Ik hoop dat het nog een keer kan.

Met wie zou je wel eens een weesgegroetje willen bidden?

Met onze Frans. We zijn altijd samen opgetrokken, en hebben het samen ook altijd goed kunnen vinden.

Heb je verder nog iets op te biechten?

De verhuizing van de garage van het Kruiseind naar hier. Dat deed me destijds zeer. En onze Frans ook. We stonden daar letterlijk midden in de samenleving. Ik had er in het magazijn een grote stelling, daar lagen alle moertjes, schroeven, bouten en pakkingen die ik ooit over had gehouden. Ook als een auto al jaren uit de productie was, had ik nog de onderdelen. Aan de andere kant, als ik zie hoe goed hier, op de nieuwe plek, alles geregeld is, dan erken ik: je moet met je tijd mee.

Foto's:


0
  1. In 2007 fietste ik met mijn vrouw in Indonesië. We besloten om een paar dagen door te brengen op een van de Gili eilandjes voor de kust van Lombok. Daar onmoetten we een Canadese vrouw die ons vroeg waar we vandaan kwamen. Uit Nederland.!! Maar waar in Nederland ben je geboren, vroeg ze. In het zuiden, in Gemert. Ze zei toen. Daar was ik een paar weken geleden nog, en ben ik op de fiets naar Eindhoven gefietst, naar mijn moeder. Mijn moeder is geboren in Gemert, ze heet Peeters en haar vader had een Fiat garage in bet Kruiseind.
    TOEVALLIG TOCH !!!!!