Koninklijke onderscheiding Pieter Penninx

GEMERT – Voor gildebroeder Pieter Penninx van het Sint Antonius en Sint Sebastianus Gilde Gemert is 2019 een jubeljaar. Op de optrekdag in januari werd hij door gilde en kring gehuldigd voor zijn 75 jarig lidmaatschap. Zondagmorgen volgde met de uitreiking van een Koninklijke Onderscheiding opnieuw een gloriedag.

Als een van de eersten zat Pieter Penninx zondag in zijn scootmobiel klaar om de erewijn van de gemeente Deurne, gebruikelijk bij een gildefeest zoals in Liessel, bij te wonen. Hij zat nog eerste rang ook. De naast de feesttent gelegen bedrijfskantine was overvol toen burgemeester Mak van Deurne de gildebroeders toespraak en hen welkom heette op deze voor het Sint Hubertusgilde feestelijke dag. Hij begroette ook het gastgilde uit Polen met wie het Liesselse gilde vriendschapsbanden onderhoudt. Zij werden in het Engels toegesproken, maar de burgemeester uit Polen antwoordde in het Pools. Gelukkig was er een tolk aanwezig, zodat ook diens woorden verstaanbaar werden voor de gildebroeders.
De aankondiging van het einde van de bijeenkomst bleek het einde nog niet te zijn. Toen burgemeester Mak de ambtsketen af deed, hing burgemeester Michiel van Veen de zijnde om. De eerste zinnen van zijn toespraak deden het werkelijk doel van zijn komst en toespraak nog niet verraden. Pas toen hij de naam van de 96-jarige Pieter Penninx noemde ging het lampje bij vele aanwezigen branden. Kinderen en kleinkinderen waren intussen de zaal binnengekomen. De burgemeester relateerde hoe Pieter in het oorlogsjaar 1944 tot nieuwe deken van de Gruun Schut werd gekozen en ook dat zijn moeder graan voor een fles jenever ruilde om de gildebroeders toch een feestelijk gevoel te geven. Dat Pieter vanaf het begin van zijn lidmaatschap vendelier zou worden, was geen verrassing. Hij was toen al heel goed. Hij vendelde in 1947 bij de onthulling van het vredesmonument op het Ridderplein en in 1948 voor Koningin Wilhelmina in het Olympisch stadion in Amsterdam. Hij werd al gauw instructeur en jurylid vendelen bij gildefeesten in Noord-Brabant en Limburg. En hij richtte her en der vendelgroepen op, zoals hij dat in 1963 in Gemert deed. Vele uren besteedde hij aan het trainen van groepen, niet alleen in Limburg maar in het hele werkgebied van de Noordbrabantse Federatie van Schuttersgilde. Hij was een coryfee op dat gebied. Eens vendelde hij op een paard als onderdeel van het acrobatisch vendelen, waarin hij een van de grootsten was. Behalve bij de twee gilden, want Pieter is al 55 jaar ook gildebroeder van het Sint Hubertusgilde Liessel, was hij in dat dorp ook maatschappelijk bezig bij enkele verenigingen, zoals het Katholiek Thuisfront.
Zijn activiteiten en zijn betrokkenheid bij verenigingen en dorpen was aanleiding voor de koning om hem te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. Nadat Burgemeester Van Veen hem de versierselen had opgespeld en bloemen had overhandigd volgde er een gezongen “lang zal hij leven”. Pieter dankte allen die voor de onderscheiding gezorgd hadden. Voorzitter Nico Krol van de Gruuun Schut feliciteerde hem met hoge eer en dankte eveneens de mensen, die werk van hadden gemaakt van de onderscheiding.

Foto's:


0