Slapen en verharen

Ik heb ‘m gespot! De eerste korte broek van dit jaar. Het rare moment in het jaar waarin de ene helft van de mensen een winterjas draagt en de andere helft de zomer in zijn bol heeft, is aangebroken. Bij gebrek aan een ‘echte winter’ duurt het nu al zeker een maand of vijf: dat vreselijke niemandsland tussen de seizoenen waarin je niet weet of je de verwarming nu op twintig graden moet laten loeien of dat je je zomerdekbed weer voor de dag moet halen. Ook in de klas zie je het terug: terwijl de één met zijn of haar (meestal haar) jas aan zit en roept dat het raam écht dicht moet, hangt de ander in T-shirt en liefst ook korte broek in zomervakantiestand achterover.

Ook bij ons in huis is deze dekentjes-of-ijsblokjesdiscussie gaande. Terwijl mijn vriend lekker in hawaishirtje op de bank van zijn cocktail nipt, zie ik vanonder drie dekentjes, een kat en twee vesten de pinguins bij wijze van spreken van het dak skiën. Ik ben een echte koukleum. Ik vind de winter heel leuk en gezellig, maar dan moet er wel een échte winter zijn: met sneeuw en chocomel. Maar als de winter net als nu meer op een niet-te-stoppen-herststorm lijkt, houd ik net zo lief een winterslaap.

Sowieso lijkt het me wel wat om er af en toe voor te kunnen kiezen om te gaan slapen als iets me niet aanstaat: kwakkelwinter? Winterslaap! Vergaderdag? Winterslaap! Grote schoonmaak? Winterslaap! Maar helaas. In tegenstelling tot winterslaapdieren, wordt er van mij wel het één en ander verwacht in de maanden november tot maart. Afzien dus. Gelukkig heb ik Guusje, die samen met mij team ‘wij hebben het koud’ vormt. Zij ligt het liefst de hele dag bij mij op schoot, hard te zeuren om een extra dekentje.

Daar zit meteen het probleem. Want het beste dekentje is altijd voor Guusje. Als zij besluit dat ze met het groene dekentje op het midden van de bank wil liggen, dan organiseren wij daar vervolgens ons leven omheen. We pakken haar in, leggen er een kruikje bij, zorgen voor een winddicht tentje in de kamer zodat ze lekker uit de tocht ligt… Ondertussen vouwen wij ons op, zodat zij met de pootjes gespreid kan liggen spinnen. Guusje heeft het goed bekeken. Maar nu de eerste korte broek in zicht is, is er een nieuw ‘probleem’ wat zich aandient: een grote wolk aan kattenharen. Onze poes is opnieuw het middelpunt. Als ik er iets van zeg, kijkt ze me hooghartig aan, want Guusje is een feestje en haar haren zijn de confetti. Dag wintervacht en dekentjes, hallo korte broek; vier de zomer.

Saartje

Foto's:


0