Column: De natuur is de grootste bioterrorist

Biologische oorlogvoering is al heel lang bekend. In vroegere tijden werden waterbronnen verontreinigd met kadavers, potten met giftige slangen werden op schepen van de vijand gegooid, bij de belegering van steden werden lichamen van aan pest gestorven soldaten over de stadsmuren gekatapulteerd en met het pokkenvirus besmette dekens werden cadeau gedaan aan indianenstammen.

Tijdens de Japanse bezetting van Mantsjoerije in China (1932 – 1945) is er een speciale Japanse eenheid actief geweest om biologische wapens te ontwikkelen. Hierbij zijn veel experimenten op gevangenen gedaan en zijn ook meerdere Chinese steden in de lucht aangevallen met pest besmette vlooien. De Sovjets experimenteerden (Biopreparat Program) ook jarenlang met virussen en bacteriën voor het ontwerpen van biowapens, evenals Engeland en de VS. De laatste jaren is incidenteel nog een aanval met biologische wapens geweest zoals in 1995 waarbij de sekte van de Opperste Waarheid tijdens de ochtendspits in de metro van Tokio het zenuwgas sarin gebruikte. Hierbij kwamen dertien mensen om het leven en de ramp zou desastreus geweest zijn als ze niet zo’n stevig plastic gebruikt hadden waardoor vele zakken met sarin niet lek geprikt konden werden. Deze sekte heeft ook geprobeerd in de stad Kameido aerosolen van de miltvuurbacterie via de wind te verspreiden. De aanval is mislukt omdat ze niet wisten dat het niet verstandig is om tegen de wind in te piessen!

Door de intensieve veeteelt, industrie en toerisme is de wereld veranderd. Ziektes die vroeger alleen bij dieren voorkwamen krijgen de kans om over te springen. Telkens duiken er nieuwe virussen en bacteriën op zoals het Marburg virus, Ebolavirus en het West-Nijlvirus. In de jaren tachtig werden we verrast door het HIV en tegenwoordig worden we geteisterd door onder andere coronavirussen, vogelgriep, Zikavirus, Q-koorts, Lyme disease, etc.. Antibiotica resistente bacteriën worden ook belangrijke vijanden.

Om een inzicht te krijgen in het aantal seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA’s) in Suriname heb ik indertijd meegewerkt om speciale diagnostische testen te introduceren. Het project is heel positief verlopen en heel veel mannen en vrouwen hebben zich laten testen. Op de vraag of ik niet bang ben om een dergelijke infectie op te lopen is mijn antwoord steevast: “Voor een SOA moet je wel moeite doen”, als u begrijpt wat ik bedoel.
De natuur zorgt voor nieuwe dreigingen maar door het opbouwen van expertise komen er ook oplossingen. Preventie is bovendien een belangrijke stap om infecties te voorkomen.

Mari