Nertsenbedrijven Zuidoost-Brabant niet preventief geruimd

 

“Bij diverse gemeenten, bewoners en ondernemers in Brabant leven zorgen over de aanhoudende besmettingen bij de nertsenbedrijven”, schrijven de ministers aan de Tweede Kamer. “Dat blijkt ook uit een recente brief van de Veiligheidsregio Brabant -Zuidoost terzake die we hebben ontvangen. Wij begrijpen en delen deze zorgen. Juist omdat er geen volledige duidelijkheid is over de besmettingsroute van het virus en we nieuwe besmettingen niet uit kunnen sluiten, maken we het huidige maatregelenpakket strenger en hebben we aanvullend onderzoek uitgezet naar besmettingsroutes. In de brief vraagt de Veiligheidsregio om alle nertsenbedrijven in het gebied preventief te ruimen. Het preventief ruimen van gezonde, niet-besmette dieren is een zeer vergaande en ingrijpende maatregel om verspreiding van een ziekte bij dieren te voorkomen. Deze maatregel treffen we alleen als er geen andere mogelijkheid bestaat om de volksgezondheid of diergezondheid te beschermen. Dat is nu niet aan de orde. Met alle maatregelen die genomen worden staat steeds de volksgezondheid voorop. Ook zullen we, gezien de recente ontwikkelingen en nieuwe besmettingen – de deskundigengroep dierziekten en het OMT-Z om advies vragen.”

Naar aanleiding van nieuwe besmettingen op nertsenbedrijven scherpt het kabinet wel hygiënemaatregelen aan om nieuwe besmettingen te voorkomen. Ook wordt het onderzoek naar mogelijke besmettingsbronnen geïntensiveerd.  In totaal zijn op 22 nertsenbedrijven in Noord-Brabant en Limburg besmettingen van nertsen met SARS-CoV-2 aangetroffen.

Beschermingsmiddelen

Omdat er onlangs, ondanks de geldende maatregelen, weer nieuwe besmettingen zijn gevonden bij nertsenbedrijven, scherpen kabinet en nertsensector de hygiënemaatregelen aan. Zo is het vanaf deze vrijdag verplicht voor medewerkers op nertsenbedrijven om persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals niet-medische mondkapjes en gezichtsschermen, te gebruiken. Het naleven van het hygiëneprotocol is de verantwoordelijkheid van de sector. De NVWA gaat het toezicht op de naleving van de maatregelen intensiveren. Daarnaast wordt het OMT-Z gevraagd advies te geven over de recente ontwikkelingen.

Onderzoeken

Bij elke besmetting doen de NVWA en GGD traceringsonderzoek naar de mogelijke bron van infectie. Gezien de recente besmettingen heeft LNV aan de Faculteit Diergeneeskunde gevraagd diepgaander onderzoek te doen naar mogelijke introductieroutes. Dit onderzoek is net van start gegaan. De eerste resultaten worden begin augustus verwacht.

Er zijn drie manieren waarop de situatie op nertsenbedrijven in de gaten wordt gehouden, namelijk via: het verplicht melden van ziekteverschijnselen bij nertsen (de meldingsplicht), een early warningsysteem (het wekelijks insturen van kadavers) en via de serologische screening (testen op de aanwezigheid van antistoffen). Op dit moment kunnen nieuwe besmettingen niet worden uitgesloten, daarom gaat de monitoring de komende tijd door.

Ontheffingen

Om de verspreiding van SARS-CoV-2 tussen nertsenbedrijven te voorkomen geldt op dit moment een landelijk verbod op het vervoeren van nertsen. Hierdoor dreigt op een tiental niet-besmette bedrijven het dierenwelzijn van de opgroeiende pups in het geding te komen door een gebrek aan ruimte in de stallen. Normaliter worden opgroeiende pups van deze bedrijven naar andere locaties van dezelfde bedrijven verplaatst. Houders van deze bedrijven kunnen een ontheffing aanvragen bij de NVWA om hun pups onder strikte voorwaarden te mogen vervoeren naar een andere, bij voorkeur leegstaande locatie. Het gaat hier nadrukkelijk niet om verplaatsing naar eerder geruimde, leegstaande bedrijven; deze mogen op dit moment niet worden herbevolkt. De NVWA ziet hierop toe.

Konijnen

Omdat uit experimenteel onderzoek is gebleken dat konijnen gevoelig kunnen zijn voor infectie met SARS-CoV-2 is, zoals eerder aangekondigd, uit voorzorg onderzoek uitgevoerd bij 18 konijnenbedrijven in de regio waar de besmette nertsenbedrijven liggen. De resultaten van dit onderzoek wijzen uit dat er geen SARS-CoV-2 op deze konijnenhouderijen heeft gecirculeerd. Dit onderzoek wordt verder uitgebreid naar alle 40 konijnenbedrijven die er in Nederland zijn. Er zijn op dit moment geen aanwijzingen voor mogelijke besmettingen met SARS-CoV-2 bij konijnen, niet bij bedrijfsmatig gehouden konijnen, en niet bij konijnen die als huisdier worden gehouden.

Foto: minister Hugo de Jonge (Foto: Rijksoverheid).