In de Biechtstoel: Ton Raijmakers

GEMERT – Ton Raijmakers werd geboren in de Groene Steeg, destijds nog een zandweg. Geen stromend water in huis, maar wel putwater, in de zomer vol met muggenlarven. Een oude panty zuiverde die larven uit het water…

Geloof je?

In zoverre… mijn vrouw en ik maken regelmatig verre reizen, en of het nu een boeddhistische- of hindoetempel is, of een kapel van de Tempeliers uit de late middeleeuwen, wij steken altijd een kaarsje of wierrook aan. Verder is bij ons in de familie Kerstmis nog echt een feest. En ik loop elk jaar de Valkenswaardse processie – behalve dit jaar natuurlijk.

Wat is je grootste deugd?

De kennis van paarden. Mijn vrouw heeft altijd dressuur gereden, totdat de gezondheid het niet meer toeliet. Zeven jaar geleden heb ik mijn laatste paard verkocht, dat loopt nu in Tokio rond. Ikzelf zat nooit op een paard, ik liep er altijd naast of voor en dat doe ik nu nog, bij het Boerenbondsmuseum.

Wat is je grootste zonde?

Een zonde kun je het niet noemen, maar ik zou het wel zonde vinden wanneer door de verdere vergrijzing het aantal vrijwilligers op het BB-museum wordt uitgedund en hun kennis verdwijnt. Daarom wil ik nu ook zoveel mogelijk leren, dan kan ik later het stokje ook weer doorgeven.

Wat koester je het meest?

Uiteraard koester ik mijn vrouw, dochter, zoon en vijf kleinkinderen. Verder zeker ook de paarden van het museum, en ik koester lange wandelingen. Fijn om te doen!

Wat stuit je het meest tegen de borst?

Mensen met een hond die de stront van hun beestje niet opruimen, daar heb ik een hekel aan, net als aan het zwerfvuil langs het fietspad. Het is zo makkelijk om een plastic zakje bij je te hebben, of je blikje of chipszak mee naar huis te nemen en het daar in de kliko te mikken.

Waar kun je heimelijk van genieten?

Van verre reizen, van weekendjes weg, en van een ritje met de huifkar, met een ‘vrachtje’ mensen door Gemert rijden. Vooral de positieve reacties van de passagiers over hoe skon Gemert is, doen goed. Kijk, je ziet de schoonheid van je eigen woonstee niet, maar op die manier word je er wel op geattendeerd.

Van wie kun je nog wat leren?

Dat heb ik net al een beetje gezegd, van de oude garde vrijwilligers op het museum. Maar ook van mijn kinderen, en dan met name als het gaat over het moderne spul, de computer, het mobieltje, dat soort dingen.

Achter welke deur zou je wel eens een kijkje willen nemen?

De deur naar de achterzijde van het carillon, boven in het gemeentehuis. Niet alleen voor die typische carillonmuziek, maar ook om te zien hoe die riddertjes op de hele uren buiten hun ritje maken en dan weer binnenkomen.

Met wie zou je wel eens een weesgegroetje willen bidden?

Ik ben pas in Rome geweest, in de Sint Pieter. Daar heb ik een uurtje of drie rondgedwaald, en toen ik weer buiten kwam, stond het plein vol mensen, terwijl het toen ik naar binnenging zowat leeg was. Het bleek dat paus Franciscus vanuit een open raam een toespraak hield. Als je dat meemaakt, dat staat minstens gelijk aan een weesgegroetje bidden.

Heb je verder nog iets op te biechten?

Jawel. Ik ben lang vrachtwagenchauffeur geweest, tot twintig jaar geleden. Ik zit nu nog steeds in de expeditie, heb lang een leidinggevende functie gehad, maar inmiddels heb ik vrijwillig een stap teruggedaan. Nu begeleid ik de nieuwe mensen die bij ons in het bedrijf komen werken. Dat bevalt me prima. Ik zou in deze tijd ook absoluut geen chauffeur meer willen zijn.

Foto's:


0