29 december 2021

John Bongers geniet van dubbelfunctie als ambulancechauffeur en brandweerman

GEMERT – Wie het huis van Gemertenaar John Bongers nadert ziet het direct. Hier woont iemand met oog voor de veiligheid en gezondheid van anderen. Bongers, zowel ambulance-chauffeur als brandweerman, is zelf bescheiden over het AED-apparaat dat prominent aan zijn gevel prijkt. ‘Je bent hulpverlener of je bent het niet.’

Door Siel Peijs

“Ik snoep van twee kanten”, zegt John Bongers met een brede lach. “Voor mijn dagelijkse werk ben ik ambulancechauffeur. Als ik afgewerkt ben gaat de pieper om en ben ik brandweerman. Die combinatie maakt van mij een gelukkig man.”

De 47-jarige John Bongers mag gerust de titel ‘hulpverlener in hart en nieren’ dragen. Dat blijkt al uit het AED-apparaat dat hij aan de zijgevel van zijn huis heeft laten bevestigen. Dankzij dat apparaat, waarmee mensen uit een hartstilstand kunnen worden gered, is zijn buurt ‘hartveilig’.
Eenmaal binnen, aan de eettafel, wordt Bongers’ roeping anderen te helpen helemaal duidelijk. Het plezier over zijn dubbele hulpverleners-pet spat van de Gemertenaar af. “Ik heb enorm dankbaar werk”, vertelt hij enthousiast. “Als ambulancechauffeur en als lid van de vrijwillige brandweer word je opgeroepen om mensen te helpen. Natuurlijk is niet elke situatie even gemakkelijk. Maar je kunt altijd iets voor anderen betekenen. Precies op momenten dat ze het écht nodig hebben. Dat maakt het werk zinvol. En dus mooi.”

Bongers, geboren in Volkel, werkte als vrachtwagenchauffeur toen hij de mogelijkheid kreeg chauffeur te worden voor de regionale huisartsendienst. Die kans greep hij met beide handen aan: “De zorg trok me altijd al. In deze functie kon ik dat combineren met mijn ervaring als chauffeur.” Vanuit de huisartsenpost in Helmond reed hij de dienstdoende dokter naar visites en huisbezoeken in de hele regio. Tijdens een van zijn diensten kwam ook de brandweer op zijn pad. Een huisarts uit Gemert vroeg Bongers of hij belangstelling had om toe te treden tot de First Responders van de vrijwillige Gemertse brandweer. Dat team wordt opgeroepen op momenten dat medische hulp met spoed nodig is. Bongers: “Mijn broer is lid van de brandweer in Erp. Voor de vorm heb ik hem nog even gevraagd of het iets voor mij zou zijn. Maar zelf wist ik het antwoord al.” De onvermijdelijke consequentie was dat Bongers niet alleen First Responder werd, maar gelijk ook volwaardig lid van het Gemertse brandweerkorps. Hij lacht: “Het één kon niet zonder het ander, werd me direct duidelijk gemaakt.”

Met zijn chauffeursdiploma had Bongers bovendien een handig papiertje op zak. Na een interne training kreeg hij de functie ‘chauffeur-pompbediende’ toebedeeld, wat betekent dat hij bij uitrukken achter het stuur of aan de kraan van de grote wagen, de ‘tankautospuit’, zit. Behalve van het brandweerwerk zelf, geniet Bongers van de teamgeest binnen het Gemertse korps. “We komen in situaties die niet iedereen meemaakt. Soms zijn die situaties ook heel heftig of spannend. Maar we zorgen voor elkaar en vangen elkaar op als dat nodig is. We zijn een hechte club.”

De ervaring die Bongers opdeed in Helmond en bij de brandweer hielpen hem, gekoppeld aan zijn groot-rijbewijs, bij de volgende stap in zijn carrière als hulpverlener. Bijna dertien jaar geleden zag hij een vacature voor ambulancechauffeur op de post in Uden. Hij reageerde direct: “Ik wilde al langer van de huisartsen-ambulance overstappen naar een grote ambulance. Bovendien ben ik geboren in Volkel, dus Uden voelde op voorhand vertrouwd.” Zijn sollicitatiebrief resulteerde, tot zijn geluk, in een uitnodiging voor een gesprek. “Precies op de dag van mijn verjaardag”, vervolgt hij. “Ik moest de familie ’s middags aan de taart achterlaten. Maar ’s avonds kreeg ik al telefoon. Met het mooiste verjaardagscadeau dat ik me kon wensen. Dat ik op de ambulance mocht rijden was een droom die uitkwam.”

En dus combineert Bongers al twaalf-en-een-half jaar de functie van ambulancechauffeur met die van brandweerman. Een combinatie die hem past als een jas: “Bij de brandweer en op de ambulance spreken we precies dezelfde taal. Bovendien weet ik exact de weg in allebei de wagens. Daardoor kan ik instructies van de bevelvoerder bijna blindelings uitvoeren. Zeker in noodsituaties, als letterlijk elke seconde telt, kan dat van doorslaggevende betekenis zijn.”

Bij het werk hoort ook de omgang met eventueel publiek. Bongers kent de berichten over vervelende situaties, waarbij hulpverleners worden tegengewerkt of zelfs belaagd door omstanders. Zelf heeft hij zoiets nog niet meegemaakt, vertelt hij. Wat niet betekent dat het geen thema is binnen de Udense ambulancedienst. “Met collega’s hebben we het er onderling wel over. Je vraagt je af wat jezelf in zo’n situatie zou doen en we worden er met instructies op voorbereid. Maar ik heb me gelukkig nooit bedreigd gevoeld.” Om daar met een glimlach aan toe te voegen: “Hoewel het natuurlijk wel onrustig kan zijn als je op zaterdagavond een uitgaansgebied inrijdt.”
Wie denkt dat Bongers stil zit op momenten dat zijn pieper uitstaat, komt bedrogen uit. Samen met zijn vriendin Petra en kinderen Iene en Bart is de Gemertenaar begeleider van een verstandelijk gehandicapte jongen. “We gaan met hem wandelen. Of nemen hem mee naar ons thuis voor een kopje koffie of een spelletje”, vertelt hij. “En we gaan ook wel eens samen naar de kazerne. Zodat hij de brandweerwagens kan zien.” Want, weet Bongers, de brandweer spreekt tot ieders verbeelding: “Als jongetje wil je twee dingen worden; piloot of brandweerman.”

Zelf geeft hij zijn fascinatie voor het vak op nóg een manier vorm. In zijn schuurtje bouwt hij afgedankte brandspuiten en -blussers om tot kunstige lampen. Een mooie, bijkomende hobby, vindt hij. Maar het liefst doet John Bongers waarvoor hij is opgeleid. En dat is mensen helpen, als brandweerman of ambulancechauffeur. Mooi en waardevol werk, zegt hij nog maar eens: “Soms krijg je zomaar een bedankje van een patiënt. Voor je hulp, terwijl je voor je gevoel gewoon je werk doet. Van zo’n bedankje krijg ik zo’n enorme energie-boost; dit werk houd ik met gemak nog eens twaalf-en-een-half jaar vol.”

 

Foto's:


0