19 juni 2022

Zomeravondvoetbal

Tegenwoordig wordt, als twee eredivisieteams er niks van bakken, ietwat neerbuigend de term ‘zomeravondvoetbal’ gebruikt. In mijn jonge jaren was de Gemertse zomeravondcompetitie hét uitje in de maanden zonder ‘r’ in de naam. Het publiek omlijstte vaak het ‘allinge’ veld. Ik trad toe tot het team van De Commanderij toen daar de eerste generatie aan het afbouwen was. Er liepen nog een paar IJzeren Rinussen rond die van geen wijken wilden weten. Met name Jan van de Velden en Jan Maas hebben nog jarenlang respectievelijk de lijnen uitgezet dan wel langs de lijn de aanval gezocht in de ploeg waarin ikzelf ook speelde. Ook Jan Winkelmolen (rustbrenger, balvasthouder, zeker als hij keepte), Herman Janssen (begaafde technicus), Bèr en Martien Vogels (de eerste handig en allround, de tweede een pure linkspoot) en schilderke Gerard van den Heuvel als keeper (goed op de lijn, wat minder bij de hoge ballen) behoorden tot de aspirant-veteranen.

Een jaar of vier bleef het team – het was nog ver vóór het Bosmanarrest – vrijwel ongewijzigd. Met ongeveer dezelfde zestien man traden we elke zomeravondcompetitie aan. “Zestien man,” smaalde toenmalig voorzitter Jan Winkelmolen, “in onze tijd waren we maar met twaalf, en dan nóg kwamen we nooit iemand tekort. En nou hedde met die zestien man nog dik te weinig.” Bij die zestien herinner ik me Hans van Bakel (verdediger met een soort Willem van Hanegem-humor), Henk Vos (pure mandekker met – soms ook voor hemzelf – onnavolgbare bewegingen), Tiny van Dalen (die vóór, achter en op het middenveld uit de weg kon), Bert Maas (volbloedrenpaard), Frank Sterken (goeie techniek en een nog beter schot), Pieter Penninx (medesponsor en echte spits), Gerard van de Wetering (imponerende keeper die bovendien de schoffelaars van de tegenpartij bestraffend toesprak: “Wacht mar matje, straks bende de minne” – bedankt nog daarvoor, Gerard), Joop Crommentuijn (nijvere middenvelder) en tot slot een brok beton uit Boekel die onder de bijnaam “de Rus” en de echte naam Jan van Sinten een spoor van vernieling trok op de Gemertse zomeravondvelden. Inderdaad, een zeer goed uitgebalanceerd team.

Nog jaren later kwam ik heel vaak Jan van de Velden tegen, als ik op de fiets mijn hond uitliet. Dan zwaaide ik en zwaaide hij en ik kreeg dan altijd even het beeld voor ogen van een opkomende Jan, speurend naar een mogelijkheid voor een splijtende pass. Onwillekeurig trapte ik dan wat harder op de trappers – het fietsequivalent van diep gaan…

Simon

Foto's:


0