23 januari 2023

Gemertse Susanne moest weer leren leven na ernstig hersenletsel

GEMERT – Sommige ervaringen verdwijnen nooit meer uit je leven. Susanne Dimmers-van de Lisdonk verwoordt het zo: “Je groeit er niet overheen maar je groeit er ómheen, net zoals planten en bomen dat doen, naar licht en naar ruimte.” Dit groeiproces werd gestimuleerd door het schrijven van een gedichtenbundel, ‘Dichter-bij Susanne’.

Door Simon van Wetten

Susanne kreeg in haar jeugd te maken met mentale mishandeling, met epilepsie en op latere leeftijd met de gevolgen van NAH door twee ingrijpende hersenoperaties. Zij legt uit: “Het schrijven van gedichten heeft mij enorm geholpen. Niet dat je de traumatische ervaringen dan vergeet, maar wél dat je ondanks de littekens erin slaagt om als volwassene een stabiel en betekenisvol leven op te bouwen.” Susanne was 17 jaar toen zij plotseling, midden in de nacht, in haar slaap een Grand mal, een grote epileptische aanval kreeg. “Ik was niet bij bewustzijn en sloeg met armen en benen wild om mij heen. Ik begon te schuimbekken en beet op mijn tong waardoor er bloed uit mijn mond kwam. Omdat mijn bed tegen de radiator aanstond schopte ik, gedurende de aanval, daar constant hard tegenaan. Dat geluid maakte iedereen in huis wakker en op die manier werd ontdekt dat ik epilepsie had. Vanaf mijn tienerjaren kreeg ik medicijnen, maar toch werd ik regelmatig getrakteerd op een Grand mal. Pas in 1995 werd de oorzaak ontdekt, een kwaadaardige hersentumor. Ik zou nog maar 2 tot 12 maanden te leven hebben! Ik was 26 jaar en net moeder geworden van ons zoontje Sandor. De wetenschap dat mijn man Peter hem alleen op zou moeten voeden en dat Sandor zijn moeder nooit zou leren kennen, was gevoelsmatig gewoon niet te vatten. Ik ben toen brieven naar hem gaan schrijven die hij pas zou mogen lezen als hij 18 jaar zou zijn. Emotioneel onbeschrijfelijk zwaar om te doen. Regelmatig zat ik huilend achter de computer met wazige ogen te typen.”

In 1995 werd Susanne geopereerd. De tumor in zijn geheel verwijderen lukte niet. Vijfentwintig bestralingen van de hoogste doseringen volgden. “Niet alleen de foute cellen in je hersens worden door bestraling om zeep geholpen, ook de goede cellen. Het maakt teveel kapot. Tegenwoordig kiezen ze niet meer voor deze werkwijze.”
Intussen nam de epilepsie toe, meer dan vijftien aanvallen op één dag, Susanne werd medicijn-resistent. Wéér een operatie, ditmaal ‘wakkere epilepsiechirurgie’, de patiënt is tijdens de operatie volledig bij kennis. “Ik zal het hoge geluid van de medische apparatuur die door mijn brein sneed nooit meer vergeten! Gedurende de operatie had ik helse pijn, met geen pen te beschrijven. Dat komt omdat het harde hersenvlies niet verdoofd kan worden.”

Terwijl Susanne daar zo willoos op de operatietafel lag, kreeg zij het vreemde gevoel dat ze als klein wezentje helemaal alleen ergens in het donkere, luchtledige universum aan het rondzweven was! “Ik weet, zoiets is een speling van gerommel in je brein, maar deze gebeurtenis heeft niettemin een onuitwisbare indruk bij mij achtergelaten. Toch gaat mijn gedichtenbundel daar niet over.”

Waarover dan wel, Susanne? “Over het leren leven met ‘niet aangeboren hersenletsel’ en hoe ik sindsdien in het leven sta. Móét staan. Weet je, mijn kortetermijngeheugen is sinds die operatie weg. Dat levert soms pijnlijke momenten op. Er is héél veel uit mijn brein verwijderd, zoals gezichtsherkenning. Ik herken niemand meer. Als je nu vertrekt en ik kom je over een half uur tegen, weet ik niet wie je bent. Prosopagnosie heet dat, gezichtsblindheid. Zelfs mijn eigen man en zoon herken ik in bepaalde situaties niet. Het begroeten van vrienden en kennissen gaat zelden hartelijk, want ik moet eerst bijgepraat worden over wie het is. Vriendschappen ontwikkelen is dus moeilijk en eenzaamheid ligt op de loer. Ooit was ik laborante, maar dat beroep zit er niet meer in. Ik zie bovendien maar half, letterlijk. Tijdens de operatie is een oogzenuw doormidden gesneden. Tegenover mij zit nu een halve man. Een cijferklok? Werkt bij mij niet. TV kijken? Er ontgaat me teveel. Toch is fotografie m’n hobby, vooral vliegende vogels. Ja, dat lukt, ondanks mijn handicap, maar leidt soms ook tot frustratie. Verder doe ik aan hardlopen en mondharmonica spelen.”

Hoe gaat jouw man met deze toch wel heel aparte situatie om? “Ik ben en blijf altijd optimistisch. Dat houdt Peter op de been. Hij is steeds attent, óók als we op straat lopen. Ik zie links niets, maar hij is daarop ingespeeld. En elkaar steeds opnieuw ontdekken heeft ook wel wat. We houden de humor erin en we zijn al drieëndertig jaar gelukkig getrouwd. Zoon Sandor is inmiddels volwassen en getrouwd. Twee kindjes, derde op komst. Fantastisch dat ik dat allemaal mee mag maken.”

Meer info: https://dichterbijsusanne.nl/

Susanne Dimmers-van de Lisdonk vatte haar levenservaringen in gedichten.

Foto's:


0

Geef een reactie op dit bericht...

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.