Afbeelding

Vera van de Rijt

GEMERT – Zij is in Den Haag geboren en woont nu net om de hoek van de Haag. Op haar tiende verhuisde het gezin naar Den Bosch (“vader kreeg daar een baan, we gingen van driehoog-achter naar een heel groot huis”). Na een inservice opleiding in een medisch kindertehuis en een studie aan de Sociale Academie, ging Vera van de Rijt in Venlo in een tehuis voor moeilijk opvoedbare kinderen werken. Zij vertelt: “Na weer een tussenstop in Den Bosch heb ik een project opgezet voor sociale alarmering, vervolgens werd ik manager van een zorgcentrale, in die tijd ben ik Léon tegengekomen, die woonde in Gemert en zodoende ben ik hier terecht gekomen.”

Geloof je?

Ik kom uit een katholiek gezin, we zaten met z’n negenen vooraan in de kerk. Maar het geloof, met name de randverschijnselen eromheen, daar pas ik niet bij. Ik ben erachter gekomen dat geloven in mensen beter werkt. Het kaarsje in de kerk steek ik dus nog steeds aan, nu voor de mensen die ik ken.

Wat is je grootste deugd?

Ik ben een echt mensen-mens. Ik kan ook moeilijk alleen zijn. En in kinderen, daar vind je altijd iets moois in. Ik had er graag een paar willen hebben… Verder is een deugd dat ik een doorzetter ben. Ik ben zo’n anderhalf jaar lang behoorlijk ziek geweest, kon me toen nauwelijks bewegen, maar vanaf dat nulpunt heb ik mij helemaal terug geknokt.

Wat is je grootste zonde?

M’n eigen grens overschrijden. Dat gebeurt te vaak. Er zijn zóveel dingen die op je pad komen en die leuk zijn, tja, dan haal je al vlug teveel op de hals. De Stichting Leergeld, vrijwilligster bij het Toeristisch Informatiepunt en bij Podium Nazareth, mantelzorger van de buurvrouw, bestuurslid van de buurtvereniging, een moestuin, lid van Sistermoed en kort geleden, na vijfendertig jaar, gestopt als vrijwilligster bij Make a Wish.

Wat koester je het meest?

Het geluk dat Léon en ik samen hebben gevonden. Dat heeft ons allebei de laatste twintig jaar completer gemaakt. Kleinzoon Melle – ik voel me gewoon oma, géén bonus oma – koester ik óók. En mijn grote hobby, koken, koester ik vooral op het moment dat bewoners van Humanitas, één keer per kwartaal, bij ons komen eten. Zij koken dan ook mee. Heel mooi om te doen!

Wat stuit je het meest tegen de borst?

De polarisatie in de wereld. Een wereld die in deze jaren heel complex is geworden. Dat baart zorgen. Net als de neiging om alles te generaliseren én zeker ook het over-regelen van alles.

Waar kun je heimelijk van genieten?

Van de ideeën die je opdoet, zoals bij het organiseren van de meest recente Oekraïne-kerstviering. Ook geniet ik van de ‘gewone’ contacten met de vluchtelingen, fijn dat ik wat steun, raad en informatie kan geven.

Van wie kun je nog wat leren?

Kom ik toch weer bij de kinderen terecht. Zeker in mijn tijd bij Make a Wish, dan zag je bij de jeugd aan de ene kant uiteraard de nare situaties, maar aan de andere kant ook de elasticiteit, de weerbaarheid en de wil om door te gaan. Ja, daar kun je wel wat van leren. Sowieso, als je maar luistert, dan leer je.

Achter welke deur zou je wel eens een kijkje willen nemen?

Ik heb het voorrecht gehad dat ik in mijn leven achter heel veel deuren een kijkje kon nemen. Maar er kunnen nog altijd deuren bij. Er staat bijvoorbeeld in de buurt van onze moestuin op de Doonheide een heel intrigerende, oude boerderij. Dáár zou ik wel eens een kijkje willen nemen.

Met wie zou je wel eens een weesgegroetje willen bidden?

Met mijn moeder. Ik zou met haar willen delen hoe ik nu ben, hoe ik leef, hoe gelukkig ik ben. Dat heeft zij helaas niet meer mee mogen maken.

Heb je verder nog iets op te biechten?

Ik voel me in Gemert als een vis in het water. Wat een geweldig dorp. Echt, ik ben hier inmiddels stevig geworteld.