
Verbinding centraal in lessenreeks Commanderij College en Sistermoed
Proeven van andere culturen
GEMERT – In het Gemertse Sistermoed-paviljoen hangt donderdagmiddag de geur van komijn, knoflook, peterselie en versgebakken falafelballetjes. Leerlingen van het Commanderij College snijden komkommers en tomaten of maken een sausje. Vers gemaakte falafelballetjes glijden in de koekenpan. Gastdocenten Fatma en Maria geven aanwijzingen en beantwoorden vragen. Er wordt gepraat, gelachen en gedold, maar ook serieus samengewerkt. De kookworkshop blijkt ook een praktische leerschool in wereldburgerschap, verbinding en wederzijds begrip.
Door Marcel Bosmans
Het Commanderij College organiseert dit schooljaar opnieuw een lessenreeks in samenwerking met vrijwilligerscollectief Sistermoed. Gedurende acht weken komen leerlingen tijdens de zogenaamde Atelier-uren naar het glazen paviljoen achter Villa Polder, waar gastdocenten met een migratieachtergrond vertellen over hun moederland. Cultuur, taal en tradities vormen de basis, maar altijd gekoppeld aan een praktische activiteit. Dit schooljaar vinden in totaal drie cycli van de lessenreeks plaats.
Aanleiding voor het initiatief is de maatschappelijke opdracht aan scholen om meer aandacht te besteden aan burgerschap. “De school zoekt plekken waar leerlingen niet alleen leren uit boeken, maar ook door echte ontmoetingen,” vertelt Angela Verploegen, vrijwilliger bij Sistermoed. “Hier komt het veel dichterbij dan op televisie. Je staat samen te koken, te praten en vragen te stellen. Dat maakt het persoonlijk.”
Tijdens deze workshop staan Syrië en Falafel centraal. Gastdocenten zijn Fatma Mahmoud en haar dochter Maria Saneg. Fatma vluchtte met haar gezin vanwege de oorlog uit Syrië. Na zware jaren in Libanon woont ze nu bijna vier jaar in Nederland, in Gemert. Ze behaalde haar inburgeringsdiploma en leert nog dagelijks Nederlands. Haar dochter Maria kwam op haar achttiende naar Nederland, volgt de opleiding Voeding aan Summa Plus in Eindhoven en droomt van een eigen patisserie. “Taarten maken is al zeven jaar mijn passie,” vertelt ze aan de leerlingen. Ze laat op haar smartphone een taart zien die ze zelf heeft ontworpen. Het proefstuk heeft meerdere etages en is fraai afgewerkt. “Heb jij die echt zelf gemaakt?”, wil een van de leerlingen weten, “Wat knap!” Maria glundert.
De tieners luisteren aandachtig wanneer Fatma en Maria hun verhaal delen. Waarom ze Syrië moesten verlaten, hoe het leven in Libanon was en waarom de keuze uiteindelijk op Nederland viel. Maria legt uit dat gezinshereniging hier beter mogelijk was dan in sommige andere Europese landen. “Zo konden mijn broers ook komen. Dat was voor mijn moeder heel belangrijk.”
Bij Syrië denken veel Nederlanders aan oorlog en geweld. “Dat is gelukkig maar een klein deel van onze lange en rijke geschiedenis”, benadrukken beide gastdocenten. “Damascus is een van de oudste steden ter wereld. Daar is een belangrijke basis voor onze moderne beschaving gelegd. Het Syrië van mijn kinderenjaren was geen democratie zoals Nederland, maar wel een relatief welvarend land, met een uitgebreide infrastructuur en een goed functionerend onderwijssysteem met ontwikkelingskansen voor mannen en vrouwen. Syrië is ook een vruchtbaar land, met veel natuurschoon. Het is ook een warme cultuur. . “Als je bij ons thuis komt, ben je altijd welkom,” zegt Maria. “Je wordt meteen opgenomen in de familie. Gastvrijheid vinden we heel belangrijk”
Ze voelen zichzelf ook welkom in Gemert. “Het is fijn hier, maar Syrië blijft thuis voor ons. Als de oorlog wegblijft en het overal weer veilig is, hopen we weer terug te gaan.”
Na de uitgebreide kennismaking gaan de handen uit de mouwen. Kikkererwten, ui, knoflook, peterselie en komijn worden gemengd tot falafel. Fatma is druk in de weer met het bakken van de falafelballetjes Ondertussen helpt vrijwilliger Martha de Vries haar met Nederlandse woorden als ‘omdraaien’ en ‘heet’. Leren gaat hier twee kanten op.
Volgens Martha is dat precies de kracht van het project. “De Sisters kunnen hun kennis, trots en verhalen delen. Tegelijkertijd oefenen ze de taal en bouwen ze zelfvertrouwen op. En de leerlingen ontwikkelen een open blik en meer begrip voor andere culturen en voor mensen met een vluchtverhaal.”
De workshops verschillen per week en per cyclus. Eerder maakten leerlingen handpoppen met een oorlogsvluchteling uit Oekraïne, volgden ze weerbaarheidslessen van een gastdocent uit Amerika of dansten ze op zomerse muziek met invloeden uit Bonaire. Niet altijd staat koken centraal, maar altijd ontmoeting. “Elke cultuur brengt iets anders,” zegt Verploegen. “Juist die diversiteit maakt het zo waardevol.”
Stichting Sistermoed werkt vanuit de filosofie van Ubuntu: we zijn mens door de ander. Ontmoeting, dialoog en gelijkwaardigheid vormen de basis van de activiteiten, die variëren van tuinieren en handwerken tot culturele avonden en gastlessen. De samenwerking met het Commanderij College sluit daar naadloos op aan.
Terwijl de laatste falafels uit de pan komen, klinken er goedkeurende reacties van de leerlingen. “Het is lekker,” zegt er één. “Misschien nog belangrijker”, vult Martha aan, "het is leerzaam. “Niet in cijfers of toetsen, maar in verhalen, smaken en gedeelde ervaringen.” In het paviljoen aan de Heuvel wordt wereldburgerschap geen abstract begrip, maar iets wat je kunt ruiken, proeven en samen maken.