Vervolg van de voorpagina
75 jaar Indische Gemertenaren
Die leerde ons hoe een huishouden hier bestierd werd. En twee even oude kleuters, van Nederlandse ouders, kwamen mij thuis ophalen om mee naar de kleuterschool te gaan. Ook werd ik lid van de Vuurvinken, dat hielp eveneens. Vooral herinner ik me de Wassenaarstraat als puur gezellig, met veel hoelahoepen en andere spelletjes met mijn leeftijdgenootjes.” Josje vult aan: “Wij zouden ontvangen worden door een sociaal werkster. Maar die was er niet. We kwamen in het ons toegewezen huis en er stond helemaal niets. Compleet kaal. Wel kregen we bonnen om meubels en kleding aan te schaffen, maar dat bleek slechts een renteloos voorschot. In al die ‘Indische’ huizen bij ons in de straat stonden dus precies dezelfde meubels in de huiskamers, vaak ook nog op dezelfde plaats. Onze nieuwe buren wezen waar de bakker en de kruidenier was en hoe je de kachel aan moest houden.” Diana daarover: “Bakker Van Daal verkocht loempia’s en dergelijke, die speelde op de nieuwe situatie in.” Josje: “Wat erg geholpen heeft: wij spraken allemaal Nederlands. En we waren katholiek. Indische katholieken werden vooral in Zuid-Nederland geplaatst.”
Karel komt evenwel uit een protestants gezin. “De Bekker kon de wens van de gemeenteraad – liefst katholieke instroom – niet garanderen. Wij werden met een busje naar de Vossenbergschool gebracht. Dus niet álles verliep soepel. Toen de eerste van de tweede generatie, Annie Meekelenkamp, met een Gemertse jongen trouwde, leverde dat aan beide kanten reuring op. Daarom zei Annie dat ze in verwachting was en wel móest trouwen. Maar dat was niet zo.”
Bert vindt dat de komst van de Indische medeburgers Gemert veel heeft gebracht. “Je gezichtsveld werd groter, je kwam in aanraking met een andere manier van leven.” Diana: “En omgekeerd ook. Ik zong binnen de kortste keren het Gemerts Volkslied mee.”