Vervolg van pagina 3

Milde verschillen tijdens Groot Gemert-Bakelse lijsttrekkersdebat Gemert-Bakel

Coopmans werpt tegen dat de VVD in hetzelfde provinciebestuur zit, dat uitbreiding van bedrijventerreinen in Bakel en Gemert tegenhoudt. ‘Daar hoeven we dus niet al te veel van te verwachten.” Hij verwacht niet dat er snel meer netaansluitingen komen: “Daarom moeten we kijken of we de bestaande capaciteit slimmer kunnen benutten, denk aan herbestemming van vrijkomende agrarische bebouwing en herschikking van huidige bedrijventerreinen.” 

Stefan Janszen (CDA) en Chris Remmers (SGB/GL-PvdA) voerden een scherpe discussie over het perspectief van de intensieve veehouderij in Gemert-Bakel. Remmers vond dat er vooral voor inwoners een gezond perspectief moet zijn.: “Intensieve veehouderijen leveren de boer geld op, maar hebben verder alleen maar nadelen: mensen worden ziek van de uitstoot, we zitten met een overschot aan mest, het is dieronvriendelijk en kleinschaligere agrarische familiebedrijven moeten het afleggen tegen deze megastallen.” Janszen is het daar niet mee eens: ‘Bedrijven moeten altijd een gezond ontwikkelperspectief hebben, ook intensieve veehouderijen. Anders gebeurt er niks: geen innovatie, geen verduurzaming, geen biodiversiteit. Dan verloedert het, verdwijnen bedrijven en gaat het er steeds verder op achteruit. De leefbaarheid komt dan verder onder druk te staan.” 

Over de aanleg en herstructurering van vakantieparken waren Laurens van den Berg (D66) en Jan Vroomans (POI) het eens dat de gemeente meer regie moet nemen. Van den Berg pleitte voor een langetermijnplan om alle parken weer echt recreatief te gebruiken. Vroomans benadrukte dat langdurige discussies en vertraging geld kosten en dat duidelijk beleid nodig is.

In het blok over verkeer stonden Remmers en Van Berlo lijnrecht tegenover elkaar over de N279. Van Berlo pleit voor verdubbeling van de provinciale weg om de regionale bereikbaarheid te verbeteren. Remmers denkt dat het verdubbeling juist leidt tot meer verkeer in de regio en dus nog meer verkeersproblemen. Hij ziet geen pasklare oplossingen om de bereikbaarheid te verbeteren: “We hebben nu eenmaal geen snelwegen en treinverbindingen binnen de gemeentegrenzen en er rijden ieder uur al vier bussen van en naar Eindhoven”. Van Berlo ziet wel kansen: “We zijn zelf aan zet. Naast verdubbeling van de N279 over de gehele lengte, moeten we ook om Beek en Donk en Nuenen heen met het doorgaande verkeer richting Eindhoven. Of linksom of rechtsom is meer asfalt nodig. Anders kunnen we niet de schaalsprong maken, waar deze regio zo om zit te springen.”

Bij verkeersveiligheid rond scholen waren Laurens van den Berg (D66) en Jan Vroomans het grotendeels eens dat veiligheid prioriteit moet hebben. Van den Berg pleitte voor meer 30-kilometerzones en autovrije schoolomgevingen waar mogelijk. Vroomans vond dat maatregelen per locatie bekeken moeten worden. Hij ziet meer op voorhand meer mogelijkheden om autovrije zones in te richten dan Van Den Berg. Die ziet meer in andere verkeersmaatregelen, zoals een verkeersveiligere inrichting met bijvoorbeeld zebrapaden. 

Ook bij de stelling dat fiets- en voetpaden veiliger en beter toegankelijker moeten worden waren Stefan Janszen (CDA) en Toon Coopmans (Dorpspartij) het snel eens. Beide vinden dat hier de komende jaren meer aandacht en investeringen voor nodig zijn. “Er is te weinig aan gebeurd”, erkent Coopmans die deze raadsperiode toch samen met onder andere het CDA aan de knoppen zat. “Het moet gewoon beter”, vult Janszen aan. “Vaak pakken we meteen alles aan, dus ook de rijbaan en de riolering, waardoor het langer duurt. Daarom willen we wegenbouw versneld gaan aanpakken, door in navolging van de woningbouw duidelijker te prioriteren.” 

Een ander punt van zorg is jongerenoverlast. Toon Coopmans (Dorpspartij) pleitte voor een stevigere aanpak van jongerenoverlast waar nodig, maar benadrukte dat jongeren ook plekken nodig hebben om samen te komen. Chris Remmers (SGB/GL-PvdA) vond dat vooral dat dialoog en begeleiding op maat belangrijk zijn.

Stefan Janszen (CDA) en Anne van Berlo (VVD) zie op dit moment geen reden om de hondenbelasting af te schaffen, al is dat sommige inwoners een bron van ergernis.  Van Berlo vindt het moeilijk te verkopen dat bewoners van het binnengebied wel en van het buitengebied geen hondenbelasting moeten betalen. Ik ben geen voorstander van onnodig lasten opleggen, maar tegelijkertijd is hondenpoepoverlast de grootste kleine ergernis van inwoners en zou ik ook niet weten waar ik 168.000 euro vandaan moet halen, om het gat in de begroting te dichten als de hondenbelasting zouden afschaffen. Mensen die ik hierover spreek zeggen: “Hef maar kattenbelasting, want daar hebben we veel meer last van. Zwangere vrouwen durven niet meer in de tuin te werken, omdat daar katten zitten te poepen. Misschien moeten we daar eens over nadenken, want het  moet wel uit te leggen zijn.” Hondenbelasting levert volgens Janszen niet alleen geld op, maar dankzij de bijkomende registratieplicht kan er effectiever opgetreden worden tegen illegaal fokken en agressief gedrag zoals bijten. Het heeft dus meer voordelen.

De huisvesting van arbeidsmigranten staat al jaren hoog op de regionale agenda.  Van den Berg stelde dat goede en humane huisvesting essentieel is en in de kern een verantwoordelijkheid van werkgevers. “Dat hoeft niet per se op het bedrijf zelf te zijn. Een regionaal arbeidsmigrantenhotel is wat mij betreft ook een mogelijkheid. Gemeenten, al dan niet in regioverband,  moeten wel toezicht op huisvesting houden.” Volgens Vroomans gaat het nog te vaak fout: “Acht Bulgaren weggestopt op een locatie waar een kippenhok nog luxe bij is, dat is mensonterend en dat moet echt aangepakt worden. Naar schatting vijftien procent van het werk in onze provincie wordt door arbeidsmigranten verricht. Ze zijn onmisbaar en ik vind ook dat we ze veel meer bij de samenleving moeten betrekken.” 

Laurens van den Berg (D66) en Chris Remmers (Sociaal Gemert-Bakel/GroenLinks-PvdA) gingen vervolgens in debat over meer directe invloed voor inwoners. Remmers wil dat bewoners in een zo vroeg mogelijk stadium kunnen meepraten over wat er in hun wijk speelt, maar benadrukt dat de besluitvorming bij raad en college moet liggen.” Van den Berg vindt dat burgerparticipatie veel beter geborgd moet worden: “Bijvoorbeeld door een participatieverordenig met duidelijke regels op te stellen en door inwoners opnieuw de mogelijkheid te geven om met de politiek van gedachten te wisselen tijdens Beeldvormende Avonden.” 

Tot slot discussieerden Stefan Janszen (CDA) en Jan Vroomans (Politiek op Inhoud) over de huidige collegeperiode. Volgens coalitiepartner Janszen ligt er een solide basis: “Gemert-Bakel is financieel gezond, er is ruimte om bezuinigingen vanuit het rijk op te vangen en om te investeren in nieuwe scholen en mfa’s. Oppositielid Vroomans vindt dat Gemert-Bakel er minder florisant voorstaat dan Janszen doet voorkomen: “Over twee jaar hebben we een tekort van zes miljoen en moeten we twee miljoen bezuinigen of de ozb verhogen. Dan is het extra jammer dat je onnodig miljoenen over de balk gooit bij de aankoop van een boerenbedrijf op de Rooije-Hoefsedijk en grondopbrengst van woningbouwontwikkeling in Gemert-Noord. Dat geld hadden in lokale voorzieningen kunnen investeren. Ondanks deze kritiek geeft Vroomans een zeven als rapportcijfer aan het huidige college van CDA-Dorpspartij en Lokale Realisten: “Het is ruim voldoende, maar niet uitstekend.” 

Een gelegenheidsjury reikte na afloop van het debat namens het Taalhuis wederom de Klare Taal Bokaal uit. "Samen met een aantal mensen voor wie de Nederlandse taal soms uitdagend kan zijn, kiezen we dan de spreker die tijdens het debat het duidelijkst en begrijpelijkst spreekt”, zo legde Geertje Gloudemans van het Taalhuis vooraf uit. Deze keer ging de Klare Taal Bokaal naar Laurens van den Berg (D66).