Afbeelding

Kraaiachtigen

Nieuws

Het is een omstreden vogelvolkje. Alleen al het feit dat de kraaiachtigen zijn ingedeeld bij de orde van de zangvogels is natuurlijk een gotspe. U kent het schreeuwerige, rauw-krassende geluid van de raven, roeken, kraaien, kauwen en eksters vast wel: met zang heeft het geluid dat zij voortbrengen weinig van doen. De bewoners van de Vondellaan in Gemert zouden in de zomer zo rond de klok van vijf uur in de nanacht door een lieflijker geluid wakker willen worden.
Ik woon in de buurt van die Vondellaan en zie in de eerste avondschemering hele wolken van dat zwart gevederde volkje overvliegen, daarbij onwillekeurig denkend aan Alfred Hitchcocks horrorfilm ‘The Birds’. Ja, het zijn er veel tegenwoordig. Vooral de kauwen laten zich zien en verspelen hún deel van de sympathie die ik voor vogels heb door te proberen een nest in onze schoorsteen te bouwen, de pindakaas te plunderen die we voor de kleinere vogels in een ongedierte-vrij potje hebben opgehangen, en de eieren en nestjongen van roodborstjes, mussen, kool- en pimpelmeesjes te stelen.

Maar ja, de kraaiachtigen moet je óók bewonderen om hun geweldige aanpassingsvermogen, hun intelligentie en hun kwaliteiten die vooral in sprookjes en sagen worden onderstreept. U kent de fabel over ‘De Vos en de Raaf’. Daarin is de vos de raaf te slim af, maar in middeleeuwse verhalen is dat vaak andersom. Herinnert u zich nog ‘De Fabeltjeskrant’, waarin meneer De Raaf wordt neergezet als een nogal statig, deftig figuur, die vaak meneer De Uil in wijsheid overtreft? In een sprookje van de gebroeders Grimm verandert een ongehoorzame koningsdochter in een raaf. Zij wordt pas na een lang verhaal van die vloek verlost. Sowieso zitten kraaiachtigen maar al te vaak op de schouders van sprookjesfiguren met een naar karakter.
In de fabel over de Kraai en de Kruik gooit zo’n zwartglanzende vogel een heleboel steentjes in een kruik, zodat het water stijgt en het dier uiteindelijk z’n dorst kan lessen.
Vaak wordt de kauw afgebeeld als een parmantige en elegante vogel. In ‘De IJdele Kauw’ probeert een kauw zich mooier te maken met de veren van een pauw. Kauwen worden gezien als schrandere en levendige vogels, maar – net als de eksters – ook als ‘dieven’ die gecharmeerd zijn van blinkende voorwerpen.

En in volksverhalen wordt de kauw soms neergezet als de nogal brutale ‘verkondiger’ van nieuws. Kortom, je zou bij wijze van spreken een column over de kraaiachtigen kunnen schrijven.

Simon