Jo en Lisette
Jo en Lisette Gemerts Nieuwsblad

Jo van de Weijer 60 jaar koorlid in Elsendorp

Algemeen

ELSENDORP – Crescendo laat weer van zich horen! Jo van de Weijer  viert haar 60-jarig koorjubileum. Bij de viering van de naamdag van de patroonheilige, Sint Cecilia, worden de twee jubilarissen feestelijk en ongetwijfeld ook zingend in het zonnetje gezet. Lisette Vos-Louws is 50 jaar lid.

Door Simon van Wetten

Jo van de Weijer reist wekelijks vanuit haar woonplaats Oploo naar Elsendorp, om daar in een zaaltje van De Dompelaar op een elektronisch orgel de toon aan te geven en vervolgens voor het koor te gaan staan en te dirigeren. “Ik heb zolang ik me kan herinneren gezongen. Ik was net geslaagd op de Kweekschool en bij ons in het dorp was een koor in oprichting, Lucretia. Ik werd lid. De dirigent was bakker van beroep, kon om die reden niet altijd aanwezig zijn en ik viel steeds vaker voor hem in. Zo is het begonnen.”

Lisette Vos bracht haar jeugd in Venhorst door. “We waren thuis met vier dochters. Op zondag nam ons moeder twee van m’n zussen mee naar Venhorst, mijn vader was meer op Elsendorp georiënteerd en nam mij en mijn andere zus mee naar de kerk hier. Zo ben ik bij het koor gekomen, want net als Jo: ik heb ook van jongs af aan gezongen, al vanaf de lagere school, in een kinderkoor. Wij woonden wat achteraf, ik fietste dan met onze buren mee naar het dorp, naar de repetities.” Niet onvermeld mag blijven dat Lisette al 35 jaar op de centen van het koor past; zij is de penningmeester. Zij is bovendien het jongste koorlid.

Als je het een halve eeuw of langer volhoudt, dan moet het in koorverband zingen toch ook wel heel veel plezier geven… Jo knikt: “Daar speelt de sociale band een grote rol in. En bij het dirigeren komt het gevoel dat een lied moet oproepen en dat je kunt overbrengen naar de koorleden. Je moet wéten wat je zingt, je moet de tekst begrijpen.” En Lisette vult aan: “Het zingen in combinatie met de contacten, de gezelligheid. Maar ook de binding met de kerk, alhoewel dat niet het zwaarste weegt.”

Die sociale band wordt door Jo nog een keer onderstreept: “Bijvoorbeeld als leden niet meer zo denderend kunnen zingen, dan blijft dat uitje van de repetities en de uitvoeringen heel belangrijk en dan zingen ze toch een bietje mee. Op weg naar de kooravond? Ik doe met plezier mijn jas aan!”

Bij de vorige jubilea, tien jaar geleden, had het koor zeventien leden. Nu dertien. “En dan zijn er nog drie leden bijgekomen toen het koor in De Rips stopte. Anders waren het er nog maar tien geweest.” Het langzaam verdwijnend fenomeen van kerkkoren, dat is geen plezierig gevoel. Lisette: “Je sterft met de kerk een bietje mee. We hebben eens in de maand nog een viering hier in De Dompelaar. Maar dan zingen álle aanwezigen mee. En we hebben ook geen vaste organist. Jo geeft de toon aan op dat draagbaar orgeltje en dan zingen we a capella. Toch, het zingen zelf zal niet verdwijnen. Mijn kleindochter van 3 jaar zingt de hele dag. ‘Opa, jij zingt niet mooi,’ zegt ze dan. ‘Maar oma wel.’ En Jo hoopt: “Misschien kunnen we uiteindelijk uitkomen op een soort van liederentafel. Dat zou mooi zijn.”

Maar intussen zit er nog volop leven in Crescendo. Het woord betekend ook ‘toenemend’ of ‘groeiend’. Kijk, dat biedt hoop. Net als alle activiteiten buiten het zingen om, zoals het jaarlijks uitje in het voorjaar, de fietstocht en barbecue in juli en natuurlijk het Ceciliafeest.

Op zondag 24 november zingt het koor in de Elsendorpse kerk, aansluitend is er de feestelijke receptie in De Dompelaar. (Advertorial)

Lees ook