Afbeelding

Elsendorpse koorjubilarissen Coby de Groot en Gerard de Bruin: ‘Crescendo is skon volk’

Algemeen

ELSENDORP - ‘Crescendo’ betekent ‘toenemend’ of ‘groeiend’. Dat is ook de diepe wens van het Elsendorpse kerkkoor Crescendo, een beetje groeien. De jubilarissen Coby de Groot, 75 jaar lid, en Gerard de Bruin, 60 jaar lid, willen er als cadeau wat zangers en zangeressen bij.

Door Simon van Wetten

“Toen ik erbij kwam, had het koor nog geen naam,” vertelt Coby, die vanaf haar 10e jaar lid is. “Ik werd gevraagd door meester Heinink, die begon een koortje, hij speelde orgel. Ik zat bij hem in de klas, in het prille Elsendorp. Heel even zongen alleen meisjes in dat koor, want de paters hadden een jaar tevoren ook een koor opgericht, een jongenskoor. Nou, toen werden we samengevoegd! In het begin was het vooral een kinderkoor, op den duur werd het een gemengd kerkkoor.”
Gerard is daar in 1963 bijgekomen. Hij werd gevraagd door de pastoor en de dirigent. “Ik denk omdat in het gezin van onze buurman een paar koorzangers zaten, die zullen mij buiten in d’n hof wel hebben horen zingen. Och, je zei bijna automatisch ‘ja’ op die vraag, niet alleen omdat ie nogal indringend werd gesteld, maar ook omdat er in Elsendorp verder niet zo heel veel te doen was. Het waren andere tijden, de kerk zat nog vol en het koor bestond uit meer dan dertig mensen, met véél jongeren erin.”

Coby: “Halverwege de jaren ’60 ben ik rond geweest in het dorp en ook buitenaf. Leden werven! Dan stopte ik bij een huis en dacht: ‘Zou hier iemand wonen die kan zingen?’ Eén keer per week repeteerden we, eerst in ’t houten kerkske, later in het atelier aan de Middenpeelweg. Daar maakten ze mantels en we mochten in hun kantine zingen. Er hingen mooie jassen, die kon je passen. Ze waren nogal goedkoop, dus je ging dan de volgende dag terug om die jas te kopen.” En Gerard weet nog: “Dat atelier is ooit afgebrand, maar toen waren wij er al weg, de Dompelaar was toen al klaar.”

Jullie zijn al een heel leven bij het koor. Dan moet het wel leuk zijn, toch? Gerard: “Zeker, ’t is een gemakkelijk groepke, skon volk. Dat maakt het prettig. Ik ben overigens al aan mijn vierde dirigent bezig.” Coby: “Bij mij zijn dat er nog wel een paar meer. Wat iemand tot een goeie dirigent maakt? Nou, het moet niet iemand zijn die de baas wil spelen. Een beetje gezellig, een beetje geduld, niet al te streng.”
Op de vraag hoeveel leden het koor nu nog heeft, beginnen Coby en Gerard bij toerbeurt namen op te noemen. Zo komen ze tot veertien personen. “Meer dan een tijdje terug, want er zijn drie Ripsenaren, bij hen werd het koor opgeheven, naar ons gekomen. Om de 14 dagen zingen we hier in de kerk. Vaak is het koor groter dan het aantal bezoekende gelovigen… De kerk gaat weg. Appartementen erin, of misschien helemaal plat. Het zou mooi zijn als op die plek een soort kapelleke kan blijven. De mis zal voortaan wel hier in De Dompelaar plaatsvinden.”

Over de zangtechniek? Coby: De eerste twee coupletten, daar kan ik nog goed bij, het derde niet. Dan ga ik een octaaf lager en zing met de mannen mee.” Gerard: bij mij is dat precies andersom. Ik heb ‘laag’ stillekes-aan geen stem, ‘hoog’ gaat goed.”
Coby heeft nog een prachtig verhaal over haar zingende moeder. “Zij mocht zelfs een keer voor de radio optreden. Wij zaten thuis vol spanning te luisteren.”
En Gerard vertelt trots: “Mijn vader is jarenlang actief lid geweest van het seniorenkoor hier in Elsendorp.”

Op zondag 19 november is er om 11.00 uur een viering in de kerk, dan wordt stilgestaan bij de jubilarissen. Daarna, van 12.30 tot 14.00 uur  receptie in De Dompelaar.

Lees ook